server-up/docs/beveiliging.md
Ramon 8b29553a71
Some checks failed
Deploy server-up (dev) / deploy (push) Failing after 3s
v0.5.00-beta - containerbeheer, eigen IP-adressen, veiliger installeren
- Beheer per container: de stackkaart klapt uit naar de losse containers, met
  start/stop/herstart, logs en live CPU-/geheugengebruik per container. De
  containernaam wordt getoetst aan compose_ps van díé stack, zodat de route
  geen willekeurige container op de host kan raken.
- Stacks met een eigen IP-adres (macvlan/ipvlan): netwerkbeheer onder
  Instellingen → Netwerken, netwerkkeuze in de installatiemodal met voorstel
  voor het eerstvolgende vrije adres, en automatische omzetting van het
  gerenderde compose-bestand (poortmappings eruit, ipv4_address erin). De
  templates in apps/ blijven ongewijzigd.
- Toegekende IP's worden vastgehouden in .serverup.json en getoond op de
  stackkaart, zodat een volgende installatie ze niet opnieuw uitdeelt.
- Vrije poort voorstellen bij installeren: next_free_port() bestond al maar
  werd nergens gebruikt. Bezette poorten worden in de UI gemeld.
- Genereerknop voor velden die op een geheim wijzen (token/password/secret),
  lokaal gegenereerd via crypto.getRandomValues.
- Compose valideren met `docker compose config` vóór het wegschrijven, zowel
  bij de editor als na het renderen bij installatie. Ontbreekt de compose-CLI,
  dan blokkeert dat een installatie niet.
- Uitloggen in de zijbalk; gebruikersbeheer en wachtwoord wijzigen onder
  Instellingen → Beveiliging.
- docs/netwerken.md (incl. de shim-interface die de host nodig heeft om zijn
  eigen macvlan-containers te bereiken) en docs/beveiliging.md toegevoegd.
- CHANGELOG bijgewerkt; testsuite uitgebreid naar 112 tests.

Co-Authored-By: Claude Opus 5 <noreply@anthropic.com>
Claude-Session: https://claude.ai/code/session_01C7oLCRYzY5ixJ5Sv8Y8EFb
2026-07-26 14:51:32 +02:00

4.4 KiB

Beveiliging

Server Up beheert de Docker-daemon. Wie toegang heeft tot de webinterface, kan containers starten met willekeurige volumes — en daarmee in de praktijk alles op de host. Behandel toegang tot Server Up dus als root-toegang tot de server.

Vanaf v0.5.00 is de interface standaard afgeschermd met een login.


Eerste start

Bij de eerste start is er nog geen account. Open de webinterface en maak er meteen een aan: zolang dat niet gebeurd is, kan iedereen die de pagina bereikt het beheerdersaccount claimen. De container laat daarom bij het opstarten een waarschuwing zien.

Standaard bindt docker-compose.yml de poort op 127.0.0.1, dus alleen vanaf de server zelf bereikbaar. Wil je er van buitenaf bij, zet dan een reverse proxy met TLS ervoor (zie onder) en pas BIND aan in je .env.

Authenticatiemodi

Instelbaar via PUT /api/auth/mode:

Modus Betekenis
local (standaard) Gebruikersnaam + wachtwoord in Server Up zelf
proxy Identiteit komt uit een header van je reverse proxy; geen lokale login meer
both Beide; handig om SSO te testen zonder jezelf buiten te sluiten

Wachtwoorden worden opgeslagen als scrypt-hash (n=2¹⁴) met een willekeurige salt. Na vijf mislukte pogingen is het account vijf minuten geblokkeerd.

SSO via een reverse proxy

Draai je Authelia, Authentik of Cloudflare Access, dan kan die de identiteit in een header zetten (meestal Remote-User).

Belangrijk: die header wordt alleen vertrouwd als het bron-IP in trusted_proxies staat. Zonder die lijst kan iedereen de header zelf meesturen en zich voordoen als beheerder. Server Up weigert daarom modus proxy/both als trusted_proxies leeg is.

Zorg er ook voor dat je proxy de header van binnenkomende requests wist en zelf opnieuw zet.

Reverse proxy met TLS

Server Up spreekt gewoon HTTP. Zet er een proxy voor die TLS afhandelt:

location / {
    proxy_pass         http://127.0.0.1:5000;
    proxy_set_header   Host              $host;
    proxy_set_header   X-Real-IP         $remote_addr;
    proxy_set_header   X-Forwarded-For   $proxy_add_x_forwarded_for;
    proxy_set_header   X-Forwarded-Proto $scheme;
    proxy_set_header   Remote-User       "";   # wis wat de client stuurt
}

Zet SU_HTTPS=1 in de omgeving zodra alles via TLS loopt; de sessiecookie krijgt dan de Secure-vlag.

Wat er beveiligd is

  • SessiesHttpOnly, SameSite=Strict, 12 uur geldig.
  • CSRF — elke POST/PUT/DELETE vereist de X-CSRF-Token-header. Routes die de toestand wijzigen accepteren geen GET meer.
  • Padvalidatie — stack-, instantie- en repo-namen worden gecontroleerd, zodat ze nooit buiten LIBRARY_DIR of de git-cache kunnen wijzen.
  • Git-URL's — alleen http(s)://, ssh:// en git@host:pad. Git's ext::-transport voert een shell-commando uit en wordt geweigerd.
  • Templates — boilerplates renderen in een Jinja2-sandbox.
  • Geheimen — git-tokens worden nooit teruggegeven door de API (alleen een has_token-vlag); config.json en secret.key staan op 0600.
  • Headers — CSP op 'self', X-Frame-Options: DENY, nosniff, Referrer-Policy: no-referrer. Alle front-end libraries worden meegeleverd, dus er gaat op runtime niets naar een CDN.
  • SSH — host-keys worden geverifieerd (accept-new, opgeslagen in /data/known_hosts).

Externe repo's en modules

Een module is Python-code die Server Up uitvoert. Voeg alleen repo's toe die je vertrouwt. Twee knoppen om aan te draaien:

  • AUTO_SYNC_ON_BOOT staat standaard uit. Repo's worden dus niet vanzelf bijgewerkt; je synchroniseert zelf wanneer je dat wilt.

  • Zet per repo een commit in de config om hem op een specifieke commit vast te zetten:

    {"id": "mijn-apps", "url": "https://…", "branch": "main", "commit": "a1b2c3d"}
    

Wat níét is afgedekt

  • De docker-socket zelf. Server Up heeft volledige toegang tot de daemon; dat is inherent aan wat het doet. Een socket-proxy die alleen bepaalde endpoints toelaat werkt niet, omdat compose vrijwel alles nodig heeft.
  • Rechten per gebruiker. Elk account heeft dezelfde volledige toegang; er zijn geen rollen.
  • Rate limiting op de API buiten de login-lockout om. Zet er zo nodig een proxy met rate limiting voor.

Een probleem melden

Vind je een beveiligingsprobleem, meld het dan via de repository-issues met zo veel mogelijk details over de reproductie.