server-up/install.sh
Ramon 2ce42f507d
Some checks failed
Deploy server-up (dev) / deploy (push) Has been cancelled
v0.8.04-beta - doctor vraagt het de app in plaats van het af te leiden
Drie keer op rij de verkeerde oorzaak aangewezen voor een lege appslijst, omdat
doctor niet genoeg vertelde om ertussen te kiezen: hij telde regels met ls.

Hij vraagt het nu aan de app zelf en toont het pad letterlijk (repr, dus met
een spatie of regeleinde zichtbaar), of de app die map vindt, en per map of hij
als app meetelt en zo niet waarom.

Co-Authored-By: Claude Opus 5 <noreply@anthropic.com>
Claude-Session: https://claude.ai/code/session_01Q9eqpADJSRs49SoGGr4NAy
2026-08-03 22:14:07 +02:00

1496 lines
64 KiB
Bash
Executable file
Raw Permalink Blame History

This file contains ambiguous Unicode characters

This file contains Unicode characters that might be confused with other characters. If you think that this is intentional, you can safely ignore this warning. Use the Escape button to reveal them.

#!/bin/sh
# Server Up — installeren, bijwerken of verwijderen op een Linux-server.
#
# curl -fsSL https://git.ramonbesselink.nl/bes-r/server-up/raw/branch/main/install.sh | sh
#
# Liever eerst lezen wat je uitvoert (aan te raden):
#
# curl -fsSL https://git.ramonbesselink.nl/bes-r/server-up/raw/branch/main/install.sh -o install.sh
# less install.sh
# sh install.sh
#
# POSIX sh, dus het werkt onder dash, ash en bash.
set -eu
SCRIPT_VERSIE="1.2"
GIT_HOST="git.ramonbesselink.nl"
GIT_PAD="bes-r/server-up"
BRANCH="main"
DOEL="/opt/server-up"
POORT="5000"
BIND="127.0.0.1"
TOKEN=""
JA=0
DROOG=0
ACTIE="install"
BEHEERDER=""
BEHEERDER_WW=""
BEHEERDER_WW_BESTAND=""
# Expliciet meegegeven waarden overschrijven wél een bestaande .env; de rest
# blijft staan, zodat een --update je instellingen niet terugzet.
BIND_EXPLICIET=0
POORT_EXPLICIET=0
# Onder welk account Server Up draait. Leeg = nog niet gekozen; 0 = root.
GEBRUIKER=""
GEBRUIKER_EXPLICIET=0
SU_UID=""
SU_GID=""
SU_NAAM=""
BASE_DIR="${BASE_DIR:-}"
BASE_DIR_EXPLICIET=0
# Heeft de server na het starten daadwerkelijk geantwoord? Bepaalt het slot en
# de exitcode; bij --dry-run is er niets om op te wachten.
GEREED=1
# De commit waar een --update vandaan kwam, zodat terugrollen kan als de nieuwe
# versie niet opkomt.
VORIGE_COMMIT=""
# Verwijdert --uninstall ook je gegevens? Standaard niet.
PURGE=0
# ── Uitvoer ──────────────────────────────────────────────────────────────────
# Kleuren alleen als we naar een terminal schrijven; in een pipe of logbestand
# leveren escape-codes onleesbare rommel op.
if [ -t 1 ] && [ -z "${NO_COLOR:-}" ]; then
C_OK=$(printf '\033[32m'); C_WAARSCHUW=$(printf '\033[33m')
C_FOUT=$(printf '\033[31m'); C_KOP=$(printf '\033[1m'); C_UIT=$(printf '\033[0m')
else
C_OK=''; C_WAARSCHUW=''; C_FOUT=''; C_KOP=''; C_UIT=''
fi
log() { printf '%s\n' " $*"; }
stap() { printf '\n%s%s%s\n' "$C_KOP" "$*" "$C_UIT"; }
goed() { printf ' %s✔%s %s\n' "$C_OK" "$C_UIT" "$*"; }
waarschuw() { printf ' %s!%s %s\n' "$C_WAARSCHUW" "$C_UIT" "$*"; }
fout() { printf '\n %s✖ %s%s\n\n' "$C_FOUT" "$*" "$C_UIT" >&2; exit 1; }
# Bij --dry-run alleen waarschuwen: je wilt de hele voorvertoning zien, ook op
# een machine waar Docker (nog) niet staat.
fout_tenzij_droog() {
if [ "$DROOG" -eq 1 ]; then waarschuw "$*"; else fout "$*"; fi
}
heeft() { command -v "$1" >/dev/null 2>&1; }
# Voert uit, of toont alleen wat er zou gebeuren bij --dry-run.
doe() {
if [ "$DROOG" -eq 1 ]; then
printf ' [droog] %s\n' "$*"
else
"$@"
fi
}
# Is er een terminal om iets aan te vragen? Bewust /dev/tty en niet stdin: bij
# `curl … | sh` — de manier die de README noemt — is stdin de pipe, terwijl de
# terminal gewoon bereikbaar is. Op stdin testen betekende dat élke vraag
# ongesteld bleef en zichzelf met "ja" beantwoordde: Docker werd van
# get.docker.com gehaald zonder dat het gevraagd was, en --uninstall brak je
# installatie af zonder bevestiging.
#
# Bestaan is niet genoeg: in een container zonder terminal bestaat /dev/tty wel
# maar levert openen "No such device or address".
# De openpoging staat in een subshell, niet tussen accolades: ':' is een
# special builtin, en een mislukte redirect daarop beëindigt volgens POSIX de
# hele shell. In een subshell sneuvelt alleen die subshell.
terminal_beschikbaar() {
[ -e /dev/tty ] || return 1
( : </dev/tty ) 2>/dev/null || return 1
return 0
}
vraag() {
# vraag "Vraag?" -> 0 bij ja. Met --yes of zonder terminal: altijd ja.
[ "$JA" -eq 1 ] && return 0
terminal_beschikbaar || return 0
printf ' %s [J/n] ' "$1"
read -r antwoord </dev/tty || return 0
case "$antwoord" in [nN]*) return 1 ;; *) return 0 ;; esac
}
gebruik() {
cat <<UITLEG
Server Up installatiescript ${SCRIPT_VERSIE}
Gebruik: install.sh [opties]
--dir PAD Installatiemap (standaard: ${DOEL})
--port POORT Poort voor de webinterface (standaard: ${POORT})
--bind ADRES Waarop de poort luistert (standaard: ${BIND})
Gebruik 0.0.0.0 om er van buiten de server bij te kunnen,
maar zet er dan wel een reverse proxy met TLS voor.
--branch NAAM Branch om te installeren (standaard: ${BRANCH})
--token TOKEN Toegangstoken, als je git-repo niet openbaar is
--base-dir PAD Hoofdmap voor stacks, appdata en backups
(standaard: /opt/serverup). Later wijzigen kan via
Instellingen → Paden, die de data meeverhuist.
--user NAAM Account waaronder Server Up draait ('serverup' wordt zo
nodig aangemaakt; 'root' is de oude situatie). Zonder deze
optie wordt ernaar gevraagd.
--admin NAAM Maak meteen een beheerdersaccount met deze naam
--admin-password-file PAD
Lees het wachtwoord uit een bestand. Kan ook via de
omgevingsvariabele SU_ADMIN_PASSWORD. Geef je geen van
beide, dan wordt ernaar gevraagd; kan dat niet (geen
terminal), dan wordt er één aangemaakt en getoond.
--create-admin Alleen het beheerdersaccount aanmaken, bij een installatie
die al draait. Werkt zolang er nog geen account bestaat.
--update Bijwerken naar de nieuwste versie
--doctor Een bestaande installatie doorlichten
--uninstall Stoppen en verwijderen (je gegevens blijven staan)
--purge Bij --uninstall: ook het volume, je gegevensmap en het
aangemaakte account weg. Vraagt per onderdeel.
--reconfigure Bind, poort, account of hoofdmap wijzigen zonder
opnieuw te installeren
--yes Niets vragen, overal ja op antwoorden
--dry-run Alleen tonen wat er zou gebeuren
--help Deze uitleg
Het wachtwoord staat bewust niet als optie op de opdrachtregel: die is voor
iedereen op de server te zien met 'ps' en blijft in je shell-geschiedenis staan.
Voorbeelden:
sh install.sh
sh install.sh --bind 0.0.0.0 --port 8080
sh install.sh --admin ramon
SU_ADMIN_PASSWORD=... sh install.sh --admin ramon --yes
sh install.sh --update
UITLEG
}
# ── Argumenten ───────────────────────────────────────────────────────────────
while [ $# -gt 0 ]; do
case "$1" in
--dir) DOEL="${2:?--dir vereist een pad}"; shift 2 ;;
--port) POORT="${2:?--port vereist een nummer}"; POORT_EXPLICIET=1; shift 2 ;;
--bind) BIND="${2:?--bind vereist een adres}"; BIND_EXPLICIET=1; shift 2 ;;
--branch) BRANCH="${2:?--branch vereist een naam}"; shift 2 ;;
--token) TOKEN="${2:?--token vereist een waarde}"; shift 2 ;;
--user) GEBRUIKER="${2:?--user vereist een accountnaam}"
GEBRUIKER_EXPLICIET=1; shift 2 ;;
--base-dir) BASE_DIR="${2:?--base-dir vereist een pad}"
BASE_DIR_EXPLICIET=1; shift 2 ;;
--admin) BEHEERDER="${2:?--admin vereist een gebruikersnaam}"; shift 2 ;;
--admin-password-file)
BEHEERDER_WW_BESTAND="${2:?--admin-password-file vereist een pad}"; shift 2 ;;
--admin-password)
fout "Gebruik --admin-password-file of SU_ADMIN_PASSWORD; een wachtwoord op de opdrachtregel is voor iedereen zichtbaar met 'ps'." ;;
--update) ACTIE="update"; shift ;;
--doctor) ACTIE="doctor"; shift ;;
--reconfigure) ACTIE="reconfigure"; shift ;;
--purge) PURGE=1; shift ;;
--uninstall) ACTIE="uninstall"; shift ;;
--create-admin) ACTIE="create-admin"; shift ;;
--yes|-y) JA=1; shift ;;
--dry-run) DROOG=1; shift ;;
--help|-h) gebruik; exit 0 ;;
*) fout "Onbekende optie: $1 (gebruik --help)" ;;
esac
done
case "$POORT" in ''|*[!0-9]*) fout "Ongeldige poort: $POORT" ;; esac
[ "$POORT" -ge 1 ] && [ "$POORT" -le 65535 ] || fout "Poort buiten bereik: $POORT"
# Docker publiceert op een adres, niet op een hostnaam. Alleen cijfers, punten
# en dubbele punten (IPv6) toestaan, zodat een typefout hier opvalt en niet pas
# als 'docker compose up' er een onbegrijpelijke fout over geeft.
geldig_bind() {
case "$1" in
''|*[!0-9.:a-fA-F]*) return 1 ;;
*) return 0 ;;
esac
}
geldig_bind "$BIND" || fout "Ongeldig bind-adres: $BIND (verwacht een IP-adres, bijvoorbeeld 127.0.0.1 of 0.0.0.0)"
# Een relatief pad hangt af van waar je toevallig stond toen je het script
# aanriep, en met `curl … | sh` is dat je thuismap. De compose-aanroepen
# gebruiken dit pad letterlijk.
case "$DOEL" in
/*) DOEL="${DOEL%/}" ;;
*) fout "--dir vereist een volledig pad, beginnend met / (kreeg: $DOEL)" ;;
esac
# BASE_DIR wordt in de container op zichzelf gemount, dus een relatief pad zou
# binnen de container ergens anders uitkomen dan op de host. En een handvol
# systeemmappen wil je hier niet per ongeluk vullen met appdata.
if [ -n "$BASE_DIR" ]; then
case "$BASE_DIR" in
/*) ;;
*) fout "--base-dir vereist een volledig pad, beginnend met / (kreeg: $BASE_DIR)" ;;
esac
BASE_DIR="${BASE_DIR%/}"
case "$BASE_DIR" in
''|/|/etc|/bin|/sbin|/usr|/var|/tmp|/root|/boot|/dev|/proc|/sys)
fout "--base-dir mag niet $BASE_DIR zijn; kies een eigen map, bijvoorbeeld /srv/serverup." ;;
esac
fi
# Waar bereiken wíj de server na het starten? Compose publiceert op $BIND, dus
# met een specifiek adres luistert er niets op 127.0.0.1. Daar toch naartoe
# vragen leverde "reageerde niet binnen anderhalve minuut" en een overgeslagen
# beheerdersaccount op, terwijl alles gewoon draaide — precies de installatie
# die daarna zonder account open staat.
probe_adres() {
case "$BIND" in
''|0.0.0.0) printf '127.0.0.1' ;;
::|'[::]') printf '[::1]' ;;
*:*) printf '[%s]' "$BIND" ;; # IPv6 hoort tussen blokhaken
*) printf '%s' "$BIND" ;;
esac
}
# ── Rechten ──────────────────────────────────────────────────────────────────
# Alleen sudo gebruiken waar het echt nodig is: kan de gebruiker zelf al in de
# doelmap schrijven en docker aanroepen, dan blijft alles onder zijn eigen account.
SUDO=""
bepaal_rechten() {
if [ "$(id -u)" -eq 0 ]; then
return 0
fi
bovenliggend="$(dirname "$DOEL")"
if [ -w "$bovenliggend" ] || { [ -d "$DOEL" ] && [ -w "$DOEL" ]; }; then
if docker info >/dev/null 2>&1; then
goed "Draait onder je eigen account; sudo is niet nodig"
return 0
fi
fi
if heeft sudo; then
SUDO="sudo"
log "sudo wordt gebruikt voor ${DOEL} en docker"
else
fout "Geen root en geen sudo. Draai als root, of kies met --dir een map waar je zelf in mag schrijven."
fi
}
# ── Vereisten ────────────────────────────────────────────────────────────────
controleer_systeem() {
stap "Systeem controleren"
bepaal_rechten
[ "$(uname -s)" = "Linux" ] || waarschuw "Dit script is voor Linux; op $(uname -s) is het onbeproefd."
for hulp in curl tar; do
heeft "$hulp" || fout_tenzij_droog "'$hulp' ontbreekt. Installeer het en probeer opnieuw."
done
goed "$(uname -s) $(uname -m)"
}
controleer_docker() {
# Bij een proefdraai niets aanroepen wat via sudo loopt: dan staat er
# ineens een wachtwoordvraag op het scherm terwijl we net beloofd hebben
# dat er niets gebeurt — en zonder terminal blijft hij daarop hangen.
if [ "$DROOG" -eq 1 ]; then
if heeft docker; then
goed "Docker aanwezig (de daemon wordt bij een proefdraai niet aangesproken)"
else
waarschuw "Docker is niet geïnstalleerd; het script zou aanbieden dat te doen."
fi
return 0
fi
if heeft docker; then
# Eén vraag aan de daemon in plaats van twee: `docker version` heeft de
# daemon net zo goed nodig als `docker info`, en levert meteen iets om
# te tonen. Lukt het niet, dan reageert hij niet.
_dv="$($SUDO docker version --format '{{.Server.Version}}' 2>/dev/null || true)"
if [ -n "$_dv" ]; then
goed "Docker draait ($_dv)"
else
fout_tenzij_droog "Docker is geïnstalleerd maar de daemon reageert niet. Start hem met: systemctl start docker"
fi
else
waarschuw "Docker is niet geïnstalleerd."
if vraag "Nu installeren via het officiële script van docker.com?"; then
stap "Docker installeren"
doe sh -c "curl -fsSL https://get.docker.com | $SUDO sh"
doe $SUDO systemctl enable --now docker || true
heeft docker || [ "$DROOG" -eq 1 ] || fout "Installeren van Docker is niet gelukt."
goed "Docker geïnstalleerd"
else
fout_tenzij_droog "Docker is vereist. Zie https://docs.docker.com/engine/install/"
fi
fi
if $SUDO docker compose version >/dev/null 2>&1; then
goed "Compose-plugin aanwezig"
else
fout_tenzij_droog "De docker-compose-plugin ontbreekt. Installeer 'docker-compose-plugin' via je pakketbeheerder."
fi
}
# ── Broncode ophalen ─────────────────────────────────────────────────────────
# De token gaat nooit in de URL en nooit in een argument. In de URL schrijft git
# hem verbatim in .git/config, waar hij blijft staan; als argument staat hij in
# /proc/<pid>/cmdline en is hij voor elke gebruiker op de server te lezen met
# 'ps'. Dat is precies waarom dit script --admin-password weigert.
#
# In plaats daarvan: een bestand met modus 0600 dat na afloop weer weg is. Git
# leest het via een credential-helper, curl via --config; in beide gevallen
# staat alleen het pád op de opdrachtregel.
bron_url() { printf 'https://%s/%s.git' "$GIT_HOST" "$GIT_PAD"; }
TOKEN_BESTAND=""
CURL_BESTAND=""
opruimen() {
[ -n "$TOKEN_BESTAND" ] && rm -f "$TOKEN_BESTAND"
[ -n "$CURL_BESTAND" ] && rm -f "$CURL_BESTAND"
TOKEN_BESTAND=""; CURL_BESTAND=""
}
trap opruimen EXIT HUP INT TERM
zet_token_klaar() {
[ -n "$TOKEN" ] || return 0
[ -n "$TOKEN_BESTAND" ] && return 0
TOKEN_BESTAND="$(mktemp "${TMPDIR:-/tmp}/su-token.XXXXXX")"
CURL_BESTAND="$(mktemp "${TMPDIR:-/tmp}/su-curl.XXXXXX")"
chmod 600 "$TOKEN_BESTAND" "$CURL_BESTAND"
# Schema en host uit bron_url halen in plaats van https hard in te vullen:
# git zoekt de opgeslagen inloggegevens op exact schema + host, dus een
# verschil daarin betekent stilzwijgend geen inloggegevens.
_url="$(bron_url)"
_schema="${_url%%://*}"
_rest="${_url#*://}"
_host="${_rest%%/*}"
# Formaat van `git credential store`: één URL per regel met de gegevens erin.
printf '%s://%s:x-oauth-basic@%s\n' "$_schema" "$TOKEN" "$_host" > "$TOKEN_BESTAND"
printf 'header = "Authorization: token %s"\n' "$TOKEN" > "$CURL_BESTAND"
}
git_doe() {
# git_doe <argumenten> — met de token uit het bestand als die er is.
if [ -n "$TOKEN_BESTAND" ]; then
doe $SUDO git -c "credential.helper=store --file=$TOKEN_BESTAND" "$@"
else
doe $SUDO git "$@"
fi
}
haal_broncode() {
stap "Broncode ophalen"
zet_token_klaar
if [ -d "$DOEL/.git" ]; then
log "Bestaande installatie bijwerken in $DOEL"
# Onthouden waar we vandaan komen, zodat we terug kunnen als de nieuwe
# versie niet opkomt. Voor de update pas ophalen: bij een verse
# installatie is er niets om naar terug te gaan.
VORIGE_COMMIT="$($SUDO git -C "$DOEL" rev-parse HEAD 2>/dev/null || echo '')"
[ -n "$VORIGE_COMMIT" ] && log "Huidige versie: $(printf '%.9s' "$VORIGE_COMMIT")"
git_doe -C "$DOEL" fetch --depth 1 origin "$BRANCH"
# FETCH_HEAD en niet origin/$BRANCH: een tag krijgt geen origin/-ref,
# dus `--branch v0.7.92-beta` installeerde prima maar kon daarna nooit
# meer bijgewerkt worden ("fatal: ambiguous argument"). FETCH_HEAD wijst
# na een fetch altijd naar wat er net opgehaald is, tak of tag.
git_doe -C "$DOEL" reset --hard FETCH_HEAD
goed "Bijgewerkt naar $BRANCH"
opruimen
return 0
fi
doe $SUDO mkdir -p "$DOEL"
if heeft git; then
# Zonder .git kunnen we later niet netjes bijwerken, dus git heeft de
# voorkeur boven een los archief.
if git_doe clone --depth 1 --branch "$BRANCH" "$(bron_url)" "$DOEL"; then
goed "Gekloond naar $DOEL"
opruimen
return 0
fi
waarschuw "Klonen mislukte; ik probeer het archief."
fi
archief="https://${GIT_HOST}/${GIT_PAD}/archive/${BRANCH}.tar.gz"
log "Downloaden: $archief"
if [ "$DROOG" -eq 0 ]; then
tijdelijk="$(mktemp -d)"
curl -fsSL ${CURL_BESTAND:+--config "$CURL_BESTAND"} "$archief" \
| tar xz -C "$tijdelijk" --strip-components=1 \
|| fout "Ophalen mislukt. Is de repo openbaar? Zo niet, gebruik --token."
$SUDO cp -r "$tijdelijk/." "$DOEL/"
rm -rf "$tijdelijk"
fi
opruimen
goed "Uitgepakt naar $DOEL"
}
# ── Instellingen ─────────────────────────────────────────────────────────────
server_ip() { hostname -I 2>/dev/null | awk '{print $1}'; }
kies_bind() {
# Alleen vragen als er nog iets te kiezen valt: met --bind, met --yes of
# zonder terminal is de keuze al gemaakt.
[ "$BIND_EXPLICIET" -eq 1 ] && return 0
[ "$JA" -eq 1 ] && return 0
[ "$DROOG" -eq 1 ] && return 0
terminal_beschikbaar || return 0
# Installeer je opnieuw over een bestaande map, dan is je huidige keuze het
# uitgangspunt — anders zet enter je server ongemerkt terug op loopback.
huidig=""
if [ -f "$DOEL/.env" ]; then
lees_env_terug "$DOEL/.env"
huidig="$BIND"
fi
ip="$(server_ip)"
stap "Bereikbaarheid"
printf ' Waarop moet de webinterface luisteren?\n\n'
printf ' 1) Alleen deze server (127.0.0.1) — veiligst\n'
printf ' Erbij via een SSH-tunnel of een reverse proxy op deze machine.\n'
printf ' 2) Het hele netwerk (0.0.0.0)\n'
printf ' Direct bereikbaar op http://%s:%s — zet er wel TLS voor.\n' "${ip:-<server-ip>}" "$POORT"
printf ' 3) Een specifiek adres\n\n'
if [ -n "$huidig" ]; then
printf ' Nu ingesteld: %s\n' "$huidig"
printf ' Keuze [enter = zo laten]: '
else
printf ' Keuze [1]: '
fi
read -r keuze </dev/tty || keuze=""
case "$keuze" in
1) BIND="127.0.0.1" ;;
2) BIND="0.0.0.0" ;;
3) printf ' Adres: '
read -r adres </dev/tty || adres=""
geldig_bind "$adres" || fout "Ongeldig bind-adres: $adres"
BIND="$adres" ;;
'') BIND="${huidig:-127.0.0.1}" ;;
*) fout "Onbekende keuze: $keuze" ;;
esac
BIND_EXPLICIET=1
goed "Luistert op $BIND"
}
env_waarde() {
# env_waarde SLEUTEL — de waarde uit .env van de installatie, of leeg.
[ -f "$DOEL/.env" ] || return 0
sed -n "s/^$1=//p" "$DOEL/.env" 2>/dev/null | tail -1
}
zet_env_regel() {
# zet_env_regel BESTAND SLEUTEL WAARDE — vervangt de regel of voegt hem toe.
# Waarden zijn hier altijd al gevalideerd (cijfers, punten, dubbele punten).
$SUDO sh -c "sed -i '/^$2=/d' '$1' && printf '%s=%s\n' '$2' '$3' >> '$1'"
}
# ── Onder welk account draait Server Up? ─────────────────────────────────────
# Server Up start als root — dat moet, want het docker-volume is van root — en
# zakt daarna af naar dit account. Zie docs/beveiliging.md voor wat dat wel en
# niet oplevert.
uid_van() { getent passwd "$1" 2>/dev/null | cut -d: -f3; }
gid_van() { getent passwd "$1" 2>/dev/null | cut -d: -f4; }
ingelogde_gebruiker() {
# Wie de installatie aanstuurt. Onder sudo is dat niet 'root' maar degene
# die het aanriep; zonder sudo valt logname terug op de terminal.
naam="${SUDO_USER:-}"
[ -n "$naam" ] || naam="$(logname 2>/dev/null || echo '')"
[ "$naam" = "root" ] && naam=""
printf '%s' "$naam"
}
bruikbare_gebruikers() {
# Gewone accounts: uid 100060000 en een echte shell. Systeemaccounts
# (daemon, www-data, nobody) horen hier niet tussen — die hebben eigen
# rechten en zouden verwarrend zijn om uit te kiezen.
awk -F: '$3 >= 1000 && $3 < 60000 &&
$7 !~ /(nologin|false|sync)$/ { print $1 " (uid " $3 ")" }' \
/etc/passwd 2>/dev/null
}
maak_serverup_account() {
# Systeemaccount: geen shell, geen wachtwoord, geen thuismap. Het bestaat
# alleen om eigenaar te zijn van bestanden.
if [ -n "$(uid_van serverup)" ]; then
log "Account 'serverup' bestaat al"
return 0
fi
if [ "$DROOG" -eq 1 ]; then
printf ' [droog] account serverup aanmaken (systeemaccount, geen shell)\n'
return 0
fi
if heeft useradd; then
$SUDO useradd --system --no-create-home --shell /usr/sbin/nologin serverup \
|| fout "Kon het account 'serverup' niet aanmaken."
elif heeft adduser; then
$SUDO adduser --system --no-create-home --shell /usr/sbin/nologin serverup \
|| fout "Kon het account 'serverup' niet aanmaken."
else
fout "Geen useradd of adduser gevonden. Maak zelf een account en geef het op met --user NAAM."
fi
goed "Account 'serverup' aangemaakt"
}
zet_gebruiker() {
# zet_gebruiker NAAM — vertaal een naam naar SU_UID/SU_GID.
SU_NAAM="$1"
if [ "$1" = "root" ]; then
SU_UID=0; SU_GID=0
waarschuw "Server Up draait als root; dat is de oude situatie."
return 0
fi
_uid="$(uid_van "$1")"
if [ -z "$_uid" ]; then
if [ "$1" = "serverup" ]; then
maak_serverup_account
_uid="$(uid_van serverup)"
fi
if [ -z "$_uid" ] && [ "$DROOG" -eq 1 ] && [ "$1" = "serverup" ]; then
# Alleen 'serverup' zouden we zélf hebben aangemaakt; dat het nu
# nog ontbreekt is dus geen fout. Een andere naam die niet bestaat
# is een typefout, en die hoor je juist bij een proefdraai te horen.
SU_UID=""; SU_GID=""
log "Zou draaien als 'serverup' (uid wordt bij het aanmaken toegekend)"
return 0
fi
[ -n "$_uid" ] || fout "Account '$1' bestaat niet. Maak het aan of kies een ander."
fi
SU_UID="$_uid"
SU_GID="$(gid_van "$1")"
SU_GID="${SU_GID:-$SU_UID}"
goed "Server Up draait als $1 ($SU_UID:$SU_GID)"
# Bewust géén lidmaatschap van de docker-groep: wie daarin zit kan een
# container starten die / mount, en is dus root op deze machine. De
# container leest de gid van de socket zelf uit en heeft dit niet nodig.
log "Niet toegevoegd aan de docker-groep — dat zou root-toegang geven en is niet nodig."
}
kies_gebruiker() {
[ "$GEBRUIKER_EXPLICIET" -eq 1 ] && { zet_gebruiker "$GEBRUIKER"; return 0; }
# Wat er al staat wint: bij --update wordt kies_bind niet aangeroepen, dus
# zonder dit zou een bestaande installatie elke keer opnieuw vragen.
lees_env_terug "$DOEL/.env"
[ -n "$SU_UID" ] && return 0
if [ "$JA" -eq 1 ] || ! terminal_beschikbaar; then
zet_gebruiker serverup
return 0
fi
_ingelogd="$(ingelogde_gebruiker)"
stap "Account"
printf ' Onder welk account moet Server Up draaien?\n'
printf ' Het draait nu nog als root; dat hoeft niet voor alles.\n\n'
printf " 1) Een nieuw account 'serverup' aanmaken — aanbevolen\n"
printf ' Systeemaccount zonder shell en zonder wachtwoord.\n'
if [ -n "$_ingelogd" ]; then
printf ' 2) %s — het account waarmee je nu werkt\n' "$_ingelogd"
else
printf ' 2) (geen ingelogd account gevonden)\n'
fi
printf ' 3) Een bestaand account kiezen\n'
printf ' 4) Als root draaien — zoals voorheen\n\n'
printf ' Keuze [1]: '
read -r keuze </dev/tty || keuze=""
case "$keuze" in
''|1) zet_gebruiker serverup ;;
2) [ -n "$_ingelogd" ] || fout "Er is geen ingelogd account gevonden; kies 1, 3 of 4."
zet_gebruiker "$_ingelogd" ;;
3) printf '\n Bruikbare accounts:\n'
bruikbare_gebruikers | sed 's/^/ /'
printf '\n Naam: '
read -r naam </dev/tty || naam=""
naam="$(printf '%s' "$naam" | tr -d '[:space:]')"
[ -n "$naam" ] || fout "Geen naam opgegeven."
zet_gebruiker "$naam" ;;
4) zet_gebruiker root ;;
*) fout "Onbekende keuze: $keuze" ;;
esac
}
zet_mappen_klaar() {
# De hoofdmap en de twee mappen die Server Up zélf beheert alvast op de
# juiste eigenaar zetten, zodat de eerste start niet op rechten struikelt.
#
# appdata blijft er bewust buiten: die mappen zijn van de apps (postgres
# draait als 999, een linuxserver-image als jouw PUID). Er een chown
# overheen halen breekt precies die containers.
[ "${SU_UID:-0}" = "0" ] && [ "$DROOG" -eq 0 ] && return 0
[ "${SU_NAAM:-root}" = "root" ] && return 0
_basis="${BASE_DIR:-/opt/serverup}"
if [ "$DROOG" -eq 1 ]; then
printf ' [droog] %s, %s/stacks en %s/backups op %s zetten (appdata blijft ongemoeid)\n' \
"$_basis" "$_basis" "$_basis" "$SU_NAAM"
return 0
fi
$SUDO mkdir -p "$_basis/stacks" "$_basis/backups" "$_basis/appdata"
$SUDO chown "$SU_UID:$SU_GID" "$_basis"
$SUDO chown -R "$SU_UID:$SU_GID" "$_basis/stacks" "$_basis/backups"
goed "Mappen klaargezet onder $_basis"
}
lees_env_terug() {
# Wat er in .env staat is de waarheid, niet wat dit script als standaard
# heeft. Zonder dit klopt bij --update de wachtlus en het slotadres niet
# meer zodra je ooit een andere poort hebt gekozen.
[ -f "$1" ] || return 0
# Lezen kan meestal zonder sudo; alleen als het bestand van root is en
# afgeschermd, is de omweg nodig.
if [ -r "$1" ]; then
_lees="cat"
elif [ -n "$SUDO" ]; then
_lees="$SUDO cat"
elif heeft sudo; then
_lees="sudo cat"
else
_lees="cat"
fi
_inhoud="$($_lees "$1" 2>/dev/null || true)"
_poort="$(printf '%s\n' "$_inhoud" | sed -n 's/^PORT=//p' | tail -1)"
_bind="$(printf '%s\n' "$_inhoud" | sed -n 's/^BIND=//p' | tail -1)"
# SU_UID/SU_GID en BASE_DIR overnemen, zodat --update niet opnieuw vraagt
# onder welk account het moet draaien en niet de verkeerde mappen chownt.
if [ -z "$SU_UID" ]; then
_uid="$(printf '%s\n' "$_inhoud" | sed -n 's/^SU_UID=//p' | tail -1)"
case "$_uid" in ''|*[!0-9]*) ;; *) SU_UID="$_uid"
_gid="$(printf '%s\n' "$_inhoud" | sed -n 's/^SU_GID=//p' | tail -1)"
case "$_gid" in ''|*[!0-9]*) SU_GID="$_uid" ;; *) SU_GID="$_gid" ;; esac ;;
esac
fi
if [ -z "$BASE_DIR" ] && [ "$BASE_DIR_EXPLICIET" -eq 0 ]; then
_basis="$(printf '%s\n' "$_inhoud" | sed -n 's/^BASE_DIR=//p' | tail -1)"
case "$_basis" in /*) BASE_DIR="$_basis" ;; esac
fi
if [ "$POORT_EXPLICIET" -eq 0 ]; then
case "$_poort" in ''|*[!0-9]*) ;; *) POORT="$_poort" ;; esac
fi
if [ "$BIND_EXPLICIET" -eq 0 ] && [ -n "$_bind" ] && geldig_bind "$_bind"; then
BIND="$_bind"
fi
return 0
}
schrijf_env() {
stap "Instellingen"
env_bestand="$DOEL/.env"
if [ -f "$env_bestand" ]; then
# Een bestaande .env bevat jouw instellingen; die blijven staan. Alleen
# wat je nu expliciet meegeeft wordt doorgevoerd — dat is precies het
# verschil dat eerder ontbrak, waardoor --bind niets deed zodra er al
# een .env stond.
gewijzigd=0
if [ "$BIND_EXPLICIET" -eq 1 ]; then
if [ "$DROOG" -eq 1 ]; then
printf ' [droog] BIND=%s in bestaande .env zetten\n' "$BIND"
else
zet_env_regel "$env_bestand" BIND "$BIND"
fi
gewijzigd=1
fi
if [ "$POORT_EXPLICIET" -eq 1 ]; then
if [ "$DROOG" -eq 1 ]; then
printf ' [droog] PORT=%s in bestaande .env zetten\n' "$POORT"
else
zet_env_regel "$env_bestand" PORT "$POORT"
fi
gewijzigd=1
fi
# Het account is een keuze die je net gemaakt hebt; die hoort er altijd
# in te komen, ook bij een --update van een installatie die nog als root
# draaide.
if [ -n "$SU_UID" ]; then
if [ "$DROOG" -eq 1 ]; then
printf ' [droog] SU_UID=%s SU_GID=%s in bestaande .env zetten\n' \
"$SU_UID" "$SU_GID"
else
zet_env_regel "$env_bestand" SU_UID "$SU_UID"
zet_env_regel "$env_bestand" SU_GID "$SU_GID"
fi
gewijzigd=1
fi
# Alleen als je er expliciet om vroeg: anders zou een --update de
# hoofdmap terugzetten terwijl je data ergens anders staat.
if [ "$BASE_DIR_EXPLICIET" -eq 1 ] && [ -n "$BASE_DIR" ]; then
if [ "$DROOG" -eq 1 ]; then
printf ' [droog] BASE_DIR=%s in bestaande .env zetten\n' "$BASE_DIR"
else
zet_env_regel "$env_bestand" BASE_DIR "$BASE_DIR"
fi
waarschuw "BASE_DIR gewijzigd; bestaande data verhuist hier niet mee."
log "Verplaatsen doe je vanuit Instellingen → Paden."
gewijzigd=1
fi
if [ "$gewijzigd" -eq 1 ]; then
goed "Bestaande .env bijgewerkt (BIND=$BIND, PORT=$POORT)"
else
lees_env_terug "$env_bestand"
goed "Bestaande .env blijft ongemoeid (BIND=$BIND, PORT=$POORT)"
fi
return 0
fi
if [ "$DROOG" -eq 1 ]; then
printf ' [droog] .env aanmaken met BIND=%s PORT=%s BASE_DIR=%s, draaiend als %s\n' \
"$BIND" "$POORT" "${BASE_DIR:-/opt/serverup}" "${SU_NAAM:-root}"
return 0
fi
if [ -f "$DOEL/.env.example" ]; then
$SUDO cp "$DOEL/.env.example" "$env_bestand"
else
printf '' | $SUDO tee "$env_bestand" >/dev/null
fi
$SUDO sh -c "sed -i '/^BIND=/d;/^PORT=/d' '$env_bestand'"
$SUDO sh -c "printf 'BIND=%s\nPORT=%s\n' '$BIND' '$POORT' >> '$env_bestand'"
if [ -n "$SU_UID" ]; then
zet_env_regel "$env_bestand" SU_UID "$SU_UID"
zet_env_regel "$env_bestand" SU_GID "$SU_GID"
fi
[ -n "$BASE_DIR" ] && zet_env_regel "$env_bestand" BASE_DIR "$BASE_DIR"
goed "Aangemaakt: $env_bestand (BIND=$BIND, PORT=$POORT)"
}
# ── Starten ──────────────────────────────────────────────────────────────────
# Draait deze installatie vanaf een kant-en-klaar image uit een registry? Dan
# scheelt ophalen minuten ten opzichte van zelf bouwen. `SU_IMAGE` is het teken:
# staat er een registry-pad (met een schuine streep) in, dan valt er iets te
# halen. Zonder blijft het bouwen, want dan bestaat het image nergens anders.
uit_registry() {
_img="$(sed -n 's/^SU_IMAGE=//p' "$DOEL/.env" 2>/dev/null | tail -1)"
case "$_img" in
*/*) return 0 ;;
*) return 1 ;;
esac
}
start() {
_compose="$SUDO docker compose -f $DOEL/docker-compose.yml --project-directory $DOEL"
if [ "$DROOG" -eq 0 ] && [ ! -f "$DOEL/docker-compose.yml" ]; then
fout "Geen docker-compose.yml in $DOEL — het ophalen van de broncode is misgegaan."
fi
if uit_registry; then
stap "Ophalen en starten"
log "Deze installatie draait vanaf een registry-image."
# shellcheck disable=SC2086
if doe $_compose pull; then
# shellcheck disable=SC2086
doe $_compose up -d --remove-orphans
goed "Container gestart"
return 0
fi
waarschuw "Ophalen mislukte; ik bouw het image zelf."
fi
stap "Bouwen en starten"
log "Dit duurt de eerste keer enkele minuten."
# shellcheck disable=SC2086
doe $_compose up -d --build --remove-orphans
goed "Container gestart"
}
wacht_op_gereed() {
[ "$DROOG" -eq 1 ] && return 0
# Aantal pogingen is instelbaar: op een trage machine duurt de eerste start
# langer dan anderhalve minuut, en de tests willen niet zo lang wachten.
pogingen="${SU_WACHT_POGINGEN:-45}"
basis="http://$(probe_adres):${POORT}"
stap "Wachten tot Server Up reageert"
printf ' '
i=0
# Zonder tijdslimiet blijft curl hangen op een adres waar niets naartoe
# routeert, en betekent het aantal pogingen niets meer.
tijden="--connect-timeout 2 --max-time 5"
while [ "$i" -lt "$pogingen" ]; do
if curl -fsS $tijden "${basis}/healthz" >/dev/null 2>&1; then
# Spatie na de dubbele punt toestaan: of json compact is,
# hangt af van de Flask-versie.
versie="$(curl -fsS $tijden "${basis}/healthz" 2>/dev/null \
| sed -n 's/.*"version" *: *"\([^"]*\)".*/\1/p')"
printf '\n'
goed "Server Up${versie:+ }${versie:-} draait"
return 0
fi
# Een puntje per poging, zodat je ziet dat er nog iets gebeurt.
printf '.'
i=$((i + 1))
sleep 2
done
printf '\n'
waarschuw "Server Up reageerde niet op ${basis}."
log "Bekijk de logs met: $SUDO docker compose -f $DOEL/docker-compose.yml logs --tail=50"
return 1
}
# ── Beheerdersaccount ────────────────────────────────────────────────────────
# Tussen "container draait" en "eerste account" ligt een venster waarin iedereen
# die de pagina bereikt zichzelf beheerder kan maken. Dat venster hoort zo kort
# mogelijk te zijn, dus kan het script het account meteen aanmaken.
WW_GEGENEREERD=0
BEHEERDER_WW_TOON=""
json_tekst() {
# Escapet een waarde voor gebruik tussen JSON-aanhalingstekens.
printf '%s' "$1" | sed -e 's/\\/\\\\/g' -e 's/"/\\"/g'
}
genereer_wachtwoord() {
LC_ALL=C tr -dc 'A-Za-z0-9' < /dev/urandom 2>/dev/null | head -c 24
}
vraag_wachtwoord() {
# Twee keer intypen, met de echo uit. Mislukt dat, dan valt hij terug op
# een gegenereerd wachtwoord in plaats van er een half account van te maken.
oude_stty=""
if stty -g </dev/tty >/dev/null 2>&1; then oude_stty="$(stty -g </dev/tty)"; fi
poging=0
while [ "$poging" -lt 3 ]; do
poging=$((poging + 1))
if [ -n "$oude_stty" ]; then stty -echo </dev/tty; fi
printf ' Wachtwoord voor %s (minstens 10 tekens): ' "$BEHEERDER"
read -r ww1 </dev/tty || ww1=""
printf '\n Nogmaals: '
read -r ww2 </dev/tty || ww2=""
if [ -n "$oude_stty" ]; then stty "$oude_stty" </dev/tty; fi
printf '\n'
if [ "$ww1" != "$ww2" ]; then
waarschuw "De twee invoeren verschillen."
elif [ "${#ww1}" -lt 10 ]; then
waarschuw "Minstens 10 tekens, dat is ook wat de server eist."
else
BEHEERDER_WW="$ww1"
return 0
fi
done
waarschuw "Geen bruikbaar wachtwoord ingevoerd; er wordt er een aangemaakt."
return 1
}
bepaal_wachtwoord() {
# Volgorde: bestand, omgevingsvariabele, vragen, anders zelf aanmaken.
[ -n "$BEHEERDER_WW" ] && return 0
if [ -n "$BEHEERDER_WW_BESTAND" ]; then
[ -r "$BEHEERDER_WW_BESTAND" ] || fout "Kan $BEHEERDER_WW_BESTAND niet lezen."
BEHEERDER_WW="$(head -n 1 "$BEHEERDER_WW_BESTAND")"
[ -n "$BEHEERDER_WW" ] || fout "$BEHEERDER_WW_BESTAND is leeg."
return 0
fi
if [ -n "${SU_ADMIN_PASSWORD:-}" ]; then
BEHEERDER_WW="$SU_ADMIN_PASSWORD"
return 0
fi
if [ "$JA" -eq 0 ] && terminal_beschikbaar; then
vraag_wachtwoord && return 0
fi
BEHEERDER_WW="$(genereer_wachtwoord)"
[ -n "$BEHEERDER_WW" ] || fout "Kon geen wachtwoord aanmaken (/dev/urandom niet leesbaar). Gebruik --admin-password-file."
WW_GEGENEREERD=1
return 0
}
vraag_beheerder() {
# Niets meegegeven, maar wel een terminal? Dan hier aanbieden, want dit is
# het moment waarop het uitmaakt.
[ -n "$BEHEERDER" ] && return 0
[ "$JA" -eq 1 ] && return 0
[ "$DROOG" -eq 1 ] && return 0
terminal_beschikbaar || return 0
stap "Beheerdersaccount"
if ! vraag "Nu meteen een beheerdersaccount aanmaken?"; then
return 0
fi
printf ' Gebruikersnaam: '
read -r naam </dev/tty || naam=""
naam="$(printf '%s' "$naam" | tr -d '[:space:]')"
if [ -z "$naam" ]; then
waarschuw "Geen naam opgegeven; overgeslagen."
return 0
fi
BEHEERDER="$naam"
return 0
}
beheerder_vooraf() {
# Alles wat om invoer vraagt gebeurt vóór het bouwen, zodat je daarna kunt
# weglopen terwijl het image gebouwd wordt.
[ "$DROOG" -eq 1 ] && return 0
vraag_beheerder
[ -n "$BEHEERDER" ] || return 0
bepaal_wachtwoord
return 0
}
maak_beheerder() {
[ -n "$BEHEERDER" ] || return 0
if [ "$DROOG" -eq 1 ]; then
stap "Beheerdersaccount"
printf ' [droog] account %s aanmaken via POST /api/auth/setup\n' "$BEHEERDER"
return 0
fi
bepaal_wachtwoord
# Het wachtwoord gaat via stdin naar curl, niet via de opdrachtregel:
# argumenten zijn voor elke gebruiker op de server zichtbaar in 'ps'.
# Geen voorspelbaar pad als terugval: /tmp is voor iedereen schrijfbaar,
# dus een ander kan er alvast een symlink neerleggen. Lukt mktemp niet,
# dan is er iets grondig mis en stoppen we liever.
antwoord="$(mktemp "${TMPDIR:-/tmp}/su-setup.XXXXXX")" \
|| fout "Kon geen tijdelijk bestand aanmaken."
chmod 600 "$antwoord"
code="$(printf '{"username":"%s","password":"%s"}' \
"$(json_tekst "$BEHEERDER")" "$(json_tekst "$BEHEERDER_WW")" \
| curl -sS -o "$antwoord" -w '%{http_code}' \
--connect-timeout 5 --max-time 20 \
-X POST -H 'Content-Type: application/json' \
--data-binary @- \
"http://$(probe_adres):${POORT}/api/auth/setup" 2>/dev/null || true)"
# Bij een mislukte verbinding schrijft curl zelf al "000"; kan curl helemaal
# niet draaien, dan blijft het leeg. Beide gevallen zijn hetzelfde verhaal.
case "$code" in ''|*[!0-9]*) code="000" ;; esac
case "$code" in
200) goed "Beheerder '$BEHEERDER' aangemaakt"
# Alleen een zelf aangemaakt wachtwoord moet nog getoond worden;
# een ingetypt of meegegeven wachtwoord kent de gebruiker al.
if [ "$WW_GEGENEREERD" -eq 1 ]; then
BEHEERDER_WW_TOON="$BEHEERDER_WW"
fi ;;
409) waarschuw "Er bestond al een account; er is niets gewijzigd."
BEHEERDER=""; WW_GEGENEREERD=0 ;;
000) waarschuw "Server Up was niet bereikbaar; account niet aangemaakt."
BEHEERDER=""; WW_GEGENEREERD=0 ;;
*) melding="$(sed -n 's/.*"msg" *: *"\([^"]*\)".*/\1/p' "$antwoord" 2>/dev/null)"
waarschuw "Aanmaken mislukt (HTTP $code)${melding:+: }${melding:-}"
BEHEERDER=""; WW_GEGENEREERD=0 ;;
esac
rm -f "$antwoord"
BEHEERDER_WW=""
}
afsluiting() {
if [ "$BIND" = "0.0.0.0" ]; then
ip="$(hostname -I 2>/dev/null | awk '{print $1}')"
adres="http://${ip:-<server-ip>}:${POORT}"
else
adres="http://localhost:${POORT}"
fi
printf '\n%s────────────────────────────────────────────────────────%s\n' "$C_KOP" "$C_UIT"
if [ "$GEREED" -eq 1 ]; then
printf '%s Server Up draait op %s%s\n' "$C_OK" "$adres" "$C_UIT"
else
printf '%s Server Up antwoordde niet op %s%s\n' "$C_WAARSCHUW" "$adres" "$C_UIT"
fi
printf '%s────────────────────────────────────────────────────────%s\n\n' "$C_KOP" "$C_UIT"
if [ "$GEREED" -eq 0 ]; then
printf ' De container is aangemaakt, maar reageerde nog niet. Kijk wat\n'
printf ' er aan de hand is met:\n'
printf ' %s docker compose -f %s/docker-compose.yml logs --tail=50\n\n' "${SUDO:-}" "$DOEL"
fi
if [ -n "$BEHEERDER" ]; then
printf ' %s✔%s Inloggen als: %s%s%s\n' "$C_OK" "$C_UIT" "$C_KOP" "$BEHEERDER" "$C_UIT"
if [ "$WW_GEGENEREERD" -eq 1 ]; then
printf ' Wachtwoord: %s%s%s\n' "$C_KOP" "$BEHEERDER_WW_TOON" "$C_UIT"
printf ' %sSchrijf dit nu over — het staat nergens anders.%s\n' "$C_WAARSCHUW" "$C_UIT"
fi
printf '\n'
else
printf ' %sMaak nu meteen een beheerdersaccount aan.%s\n' "$C_WAARSCHUW" "$C_UIT"
printf ' Zolang dat niet gebeurd is, kan iedereen die deze pagina\n'
printf ' bereikt het account claimen.\n\n'
fi
if [ "$BIND" = "127.0.0.1" ]; then
printf ' Alleen bereikbaar vanaf deze server zelf. Van buitenaf erbij?\n'
printf ' 1. Zet een reverse proxy met TLS ervoor\n'
printf ' 2. sed -i "s/^BIND=.*/BIND=0.0.0.0/" %s/.env\n' "$DOEL"
printf ' 3. %s docker compose -f %s/docker-compose.yml up -d\n\n' "${SUDO:-}" "$DOEL"
else
printf ' %sDe interface staat open op je netwerk.%s Server Up beheert de\n' "$C_WAARSCHUW" "$C_UIT"
printf ' Docker-daemon, dus wie erbij kan, kan alles op deze server.\n'
printf ' Zet er een reverse proxy met TLS voor.\n\n'
fi
printf ' Draait als: %s\n' "${SU_NAAM:-root}"
printf ' Bijwerken: sh %s/install.sh --update\n' "$DOEL"
printf ' Logs: %s docker compose -f %s/docker-compose.yml logs -f\n' "${SUDO:-}" "$DOEL"
printf ' Documentatie: %s/README.md\n\n' "$DOEL"
}
# ── Terugrollen ──────────────────────────────────────────────────────────────
# Een update die niet opkomt liet je met een stilstaande server zitten en een
# rijtje commando's om zelf uit te voeren. De vorige commit is bekend, dus dat
# kan het script net zo goed zelf doen.
terugrollen() {
[ -n "$VORIGE_COMMIT" ] || return 1
stap "Terugrollen"
log "Terug naar $(printf '%.9s' "$VORIGE_COMMIT")"
if ! $SUDO git -C "$DOEL" reset --hard "$VORIGE_COMMIT" >/dev/null 2>&1; then
waarschuw "Kon niet terug naar de vorige versie."
return 1
fi
start
if wacht_op_gereed; then
goed "Terug op de vorige versie; die draait weer."
return 0
fi
waarschuw "Ook de vorige versie komt niet op; er is meer aan de hand."
return 1
}
# ── Doorlichten ──────────────────────────────────────────────────────────────
# De fouten die dit script had, waren allemaal van dezelfde soort: iets klopte
# niet en niemand merkte het, omdat er nergens werd nagekeken. Dit is het
# tegengif — het controleert de aannames in plaats van ze te doen.
DOK_FOUTEN=0
DOK_WAARSCHUWINGEN=0
dok_ok() { goed "$1"; }
dok_waar() { waarschuw "$1"; DOK_WAARSCHUWINGEN=$((DOK_WAARSCHUWINGEN + 1)); }
dok_fout() { printf ' %s✖%s %s\n' "$C_FOUT" "$C_UIT" "$1"; DOK_FOUTEN=$((DOK_FOUTEN + 1)); }
_dok_inspect() {
# _dok_inspect FORMAAT — docker inspect op de container, of leeg.
$SUDO docker inspect server-up --format "$1" 2>/dev/null || true
}
doorlichten() {
stap "Installatie"
if [ -d "$DOEL" ] && [ -f "$DOEL/docker-compose.yml" ]; then
dok_ok "Gevonden in $DOEL"
else
dok_fout "Geen installatie in $DOEL (geen docker-compose.yml)"
printf '\n'
return 1
fi
if [ -f "$DOEL/.env" ]; then
_rechten="$(stat -c '%a' "$DOEL/.env" 2>/dev/null || echo '?')"
case "$_rechten" in
600|400) dok_ok ".env staat op $_rechten" ;;
'?') dok_waar "Rechten van .env niet te bepalen" ;;
*) dok_waar ".env staat op $_rechten; er staan tokens en wachtwoorden in. Zet hem op 600." ;;
esac
else
dok_waar "Geen .env in $DOEL; alles draait op de standaardwaarden"
fi
[ -f "$DOEL/VERSION" ] && log "Versie in de map: $(cat "$DOEL/VERSION" 2>/dev/null)"
stap "Docker"
if $SUDO docker info >/dev/null 2>&1; then
dok_ok "Daemon reageert ($($SUDO docker version --format '{{.Server.Version}}' 2>/dev/null || echo '?'))"
else
dok_fout "De Docker-daemon reageert niet"
printf '\n'
return 1
fi
stap "Container"
_staat="$(_dok_inspect '{{.State.Status}}')"
if [ -z "$_staat" ]; then
dok_fout "Er is geen container 'server-up'. Start hem met: $SUDO docker compose -f $DOEL/docker-compose.yml up -d"
elif [ "$_staat" = "running" ]; then
_gezond="$(_dok_inspect '{{if .State.Health}}{{.State.Health.Status}}{{end}}')"
dok_ok "Draait${_gezond:+ (}${_gezond:-}${_gezond:+)}"
[ "${_gezond:-healthy}" = "healthy" ] || dok_waar "De healthcheck staat op '$_gezond'"
else
dok_fout "De container staat op '$_staat'"
fi
_img="$(_dok_inspect '{{.Config.Image}}')"
[ -n "$_img" ] && log "Image: $_img"
stap "Bereikbaarheid"
_poort="$(env_waarde PORT)"; _poort="${_poort:-$POORT}"
_bind="$(env_waarde BIND)"
[ -n "$_bind" ] && geldig_bind "$_bind" && BIND="$_bind"
POORT="$_poort"
_adres="http://$(probe_adres):${POORT}"
if curl -fsS --connect-timeout 3 --max-time 8 "${_adres}/healthz" >/dev/null 2>&1; then
dok_ok "Antwoordt op $_adres"
else
dok_fout "Geen antwoord op $_adres"
log "Dit is het adres waarop compose publiceert (BIND=$BIND)."
fi
stap "Account"
_uid_env="$(env_waarde SU_UID)"
_uid_echt="$($SUDO docker exec server-up id -u 2>/dev/null || echo '')"
if [ -z "$_uid_echt" ]; then
dok_waar "Kon niet in de container kijken onder welk account hij draait"
elif [ "$_uid_echt" = "0" ]; then
if [ -n "$_uid_env" ] && [ "$_uid_env" != "0" ]; then
dok_fout "SU_UID=$_uid_env staat in .env maar hij draait als root. Hercreëer de container: $SUDO docker compose -f $DOEL/docker-compose.yml up -d"
else
dok_waar "Draait als root. Zie docs/beveiliging.md; sh $DOEL/install.sh --update laat je kiezen."
fi
else
dok_ok "Draait als uid $_uid_echt"
[ -n "$_uid_env" ] && [ "$_uid_env" != "$_uid_echt" ] \
&& dok_waar "In .env staat SU_UID=$_uid_env; hercreëer de container om dat door te voeren."
fi
stap "Mappen"
_basis="$(env_waarde BASE_DIR)"; _basis="${_basis:-/opt/serverup}"
log "BASE_DIR: $_basis"
if $SUDO docker exec server-up test -d "$_basis" 2>/dev/null; then
# Bestaan is niet genoeg: zonder mount schrijft hij in zijn eigen
# overlay en zie je op de host niets terug.
if $SUDO docker exec server-up sh -c "grep -q ' $_basis ' /proc/self/mountinfo" 2>/dev/null; then
dok_ok "$_basis is in de container gekoppeld"
else
dok_fout "$_basis bestaat in de container maar is niet gekoppeld; wat hij daar schrijft komt niet op de host terecht"
fi
else
dok_waar "Kon $_basis niet in de container nakijken"
fi
for _sub in stacks appdata backups; do
if [ -d "$_basis/$_sub" ]; then
log " $_sub: $(find "$_basis/$_sub" -maxdepth 1 -mindepth 1 2>/dev/null | wc -l) items, eigenaar $(stat -c '%U:%G' "$_basis/$_sub" 2>/dev/null || echo '?')"
else
dok_waar " $_sub ontbreekt nog ($_basis/$_sub)"
fi
done
if heeft df; then
_vrij="$(df -h "$_basis" 2>/dev/null | awk 'NR>1 {print $4; exit}')"
[ -n "$_vrij" ] && log "Vrije ruimte: $_vrij"
fi
# Wat de mappen op de host zijn is één ding; waar Server Up zélf kijkt is
# een ander. Die twee kunnen uit elkaar lopen — een LIBRARY_DIR uit een oude
# config wint van de standaard — en dan zie je een lege stacklijst zonder
# dat ergens staat waarom.
stap "Wat Server Up zelf ziet"
# Niet zelf redeneren over wat de app ziet, maar het hem vragen. Het pad
# letterlijk (repr, dus mét eventuele spatie of regeleinde erin), of het
# bestaat, en per map of hij als app meetelt. Dat laatste is de vraag die
# ertoe doet: een map die er staat maar niet meetelt, verdwijnt uit de
# lijst én laat zijn containers onder "handmatig gestart" belanden.
_eigen="$($SUDO docker exec -i server-up python - 2>/dev/null <<'PYEOF' || true
import json, sys
sys.path.insert(0, "/app")
try:
import core
from pathlib import Path
from core import docker
c = core.load()
ruw = str(c.get("LIBRARY_DIR", ""))
pad = Path(ruw)
uit = {k: c.get(k, "") for k in
("BASE_DIR", "LIBRARY_DIR", "DATA_DIR", "BACKUP_DIR")}
uit["lib_repr"] = repr(ruw)
uit["lib_bestaat"] = pad.is_dir()
uit["mappen"] = []
if pad.is_dir():
for d in sorted(pad.iterdir()):
if d.is_dir() and not d.name.startswith("."):
uit["mappen"].append([d.name, bool(docker.has_compose(d))])
print(json.dumps(uit))
except Exception as e:
print(json.dumps({"fout": str(e)[:200]}))
PYEOF
)"
if [ -z "$_eigen" ]; then
dok_waar "Kon Server Up niet vragen welke paden hij gebruikt"
else
_lib="$(printf '%s' "$_eigen" | sed -n 's/.*"LIBRARY_DIR": *"\([^"]*\)".*/\1/p')"
_dat="$(printf '%s' "$_eigen" | sed -n 's/.*"DATA_DIR": *"\([^"]*\)".*/\1/p')"
_repr="$(printf '%s' "$_eigen" | sed -n 's/.*"lib_repr": *"\([^"]*\)".*/\1/p')"
log "Stacks: $_lib"
log "Appdata: $_dat"
# Letterlijk, dus met een spatie of regeleinde er zichtbaar in. Zo'n
# onzichtbaar teken maakt het pad onvindbaar terwijl het er goed uitziet.
[ -n "$_repr" ] && log "Letterlijk: $_repr"
case "$_eigen" in
*'"lib_bestaat": false'*)
dok_fout "De app vindt die map niet, ook al staat hij er"
log " Kijk naar 'Letterlijk' hierboven: staat er een spatie of"
log " een regeleinde in het pad? Pas het aan bij Instellingen → Paden." ;;
esac
# Per map: telt hij mee als app? Een map zonder compose-bestand telt niet
# en verdwijnt daarmee uit de lijst.
printf '%s' "$_eigen" \
| sed -n 's/.*"mappen": \[\(.*\)\].*/\1/p' \
| tr ']' '\n' \
| while IFS= read -r _rij; do
_naam="$(printf '%s' "$_rij" | sed -n 's/.*\["\([^"]*\)".*/\1/p')"
[ -n "$_naam" ] || continue
case "$_rij" in
*true*) log " $_naam — telt mee" ;;
*) log " $_naam — GEEN compose-bestand, telt niet mee" ;;
esac
done
if [ -n "$_lib" ]; then
# Bestaat de map daarbinnen überhaupt, en zo ja: staat er hetzelfde
# in als erbuiten? Dat laatste is de vraag die ertoe doet. Een bind
# mount wijst naar een inode, niet naar een pad: is de map op de
# host ná het aanmaken van de container vervangen, dan blijft de
# container naar de oude — meestal lege — map kijken. Het pad staat
# dan nog gewoon in /proc/self/mountinfo, dus "gekoppeld" zegt niets.
if ! $SUDO docker exec server-up test -d "$_lib" 2>/dev/null; then
dok_fout "De map $_lib bestaat niet binnen de container"
log " Hercreëer de container: $SUDO docker compose -f $DOEL/docker-compose.yml up -d --force-recreate"
else
_n="$($SUDO docker exec server-up sh -c \
"ls -1A '$_lib' 2>/dev/null | wc -l" 2>/dev/null || echo 0)"
_n="$(printf '%s' "$_n" | tr -d '[:space:]')"
_h="$(ls -1A "$_lib" 2>/dev/null | wc -l)"
_h="$(printf '%s' "$_h" | tr -d '[:space:]')"
if [ "${_n:-0}" -gt 0 ] 2>/dev/null; then
dok_ok "$_n app(s) zichtbaar voor Server Up"
elif [ "${_h:-0}" -gt 0 ] 2>/dev/null; then
dok_fout "Buiten de container staan er $_h in $_lib, binnen de container geen"
log " De koppeling wijst naar een oudere map dan die er nu staat."
log " Dat gebeurt als $_basis op de host is vervangen nadat de"
log " container was aangemaakt. Hercreëren lost het op:"
log " $SUDO docker compose -f $DOEL/docker-compose.yml up -d --force-recreate"
else
dok_waar "Er staat nog geen enkele app in $_lib"
fi
fi
fi
# Eigen koppelingen ónder BASE_DIR. Docker bindt met propagation
# "rprivate": een koppeling die op de host ná het aanmaken van de
# container ontstaat, komt daar niet doorheen. De container ziet dan de
# lege map eronder, terwijl op de host alles keurig gevuld is — en de
# koppeling van BASE_DIR zelf is intact, dus daar is niets aan te zien.
if heeft findmnt; then
_diep=0
for _mp in $(findmnt -rno TARGET -R "$_basis" 2>/dev/null); do
[ "$_mp" = "$_basis" ] && continue
_diep=1
if $SUDO docker exec server-up sh -c \
"grep -q ' $_mp ' /proc/self/mountinfo" 2>/dev/null; then
dok_ok "$_mp is een eigen koppeling en komt mee"
else
dok_fout "$_mp is op de host een eigen koppeling, maar niet in de container"
log " De container ziet daar de lege map eronder. Koppel hem"
log " apart mee in docker-compose.yml:"
log " - $_mp:$_mp"
log " of zorg dat de koppeling bestaat vóór de container start."
fi
done
[ "$_diep" -eq 0 ] && log "Geen eigen koppelingen onder $_basis"
else
dok_waar "findmnt ontbreekt; kon niet nagaan of er koppelingen onder $_basis liggen"
fi
# De app store leest uit de git-cache; is die leeg, dan is de lijst leeg.
_apps="$($SUDO docker exec server-up sh -c \
'find /data/git -name template.json 2>/dev/null | wc -l' \
2>/dev/null || echo 0)"
_apps="$(printf '%s' "$_apps" | tr -d '[:space:]')"
if [ "${_apps:-0}" -gt 0 ] 2>/dev/null; then
dok_ok "$_apps app(s) in de store-cache"
else
dok_fout "De store-cache is leeg; synchroniseer de repo's opnieuw"
fi
fi
stap "Bijwerken vanuit de interface"
_werkmap="$(_dok_inspect '{{index .Config.Labels "com.docker.compose.project.working_dir"}}')"
if [ -z "$_werkmap" ]; then
dok_waar "Geen compose-labels; bijwerken vanuit de interface kan niet"
else
log "Werkmap volgens de container: $_werkmap"
case "$_img" in
*/*) dok_ok "Registry-image, dus de knop in de interface werkt" ;;
*) log "Zelfgebouwd image; bijwerken loopt via $DOEL/install.sh --update" ;;
esac
fi
printf '\n%s────────────────────────────────────────────────────────%s\n' "$C_KOP" "$C_UIT"
if [ "$DOK_FOUTEN" -gt 0 ]; then
printf '%s %s fout(en), %s waarschuwing(en)%s\n' "$C_FOUT" "$DOK_FOUTEN" "$DOK_WAARSCHUWINGEN" "$C_UIT"
elif [ "$DOK_WAARSCHUWINGEN" -gt 0 ]; then
printf '%s Geen fouten, %s waarschuwing(en)%s\n' "$C_WAARSCHUW" "$DOK_WAARSCHUWINGEN" "$C_UIT"
else
printf '%s Alles in orde%s\n' "$C_OK" "$C_UIT"
fi
printf '%s────────────────────────────────────────────────────────%s\n\n' "$C_KOP" "$C_UIT"
[ "$DOK_FOUTEN" -eq 0 ]
}
verwijderen() {
stap "Server Up verwijderen"
[ -d "$DOEL" ] || fout "Niets gevonden in $DOEL"
if ! vraag "Container stoppen en verwijderen? Je gegevens blijven staan."; then
log "Afgebroken."
exit 0
fi
doe $SUDO docker compose -f "$DOEL/docker-compose.yml" --project-directory "$DOEL" \
down --remove-orphans
goed "Container gestopt en verwijderd"
_basis="$(env_waarde BASE_DIR)"; _basis="${_basis:-/opt/serverup}"
_naam="$(getent passwd "$(env_waarde SU_UID)" 2>/dev/null | cut -d: -f1)"
if [ "$PURGE" -eq 0 ]; then
printf '\n'
log "Je gegevens staan nog op deze plekken:"
log " docker-volume 'su-data' — instellingen, accounts, auditlog"
log " $_basis — je stacks, appdata en backups"
log " $DOEL — de installatie zelf"
[ -n "$_naam" ] && [ "$_naam" != "root" ] \
&& log " het account '$_naam', dat bij de installatie is aangemaakt"
printf '\n'
log "Alles definitief weg? Draai dan: sh $DOEL/install.sh --uninstall --purge"
printf '\n'
return 0
fi
# ── Opruimen ─────────────────────────────────────────────────────────────
# Per onderdeel apart vragen. Dit gooit gegevens weg die nergens anders meer
# staan, dus "ja op alles" is hier geen dienst.
stap "Opruimen"
# Let op de vorm: `doe … >/dev/null` zou ook de [droog]-regel wegslikken,
# waardoor een proefdraai niet meer laat zien wat hij zou doen.
if vraag "Het docker-volume 'su-data' verwijderen (instellingen, accounts, auditlog)?"; then
if doe $SUDO docker volume rm su-data; then
goed "Volume su-data verwijderd"
else
waarschuw "Volume su-data niet gevonden of nog in gebruik"
fi
fi
if [ -d "$_basis" ]; then
_omvang="$(du -sh "$_basis" 2>/dev/null | cut -f1)"
waarschuw "$_basis bevat je stacks, appdata en backups (${_omvang:-?})."
waarschuw "Dit is de map met de gegevens van al je apps."
if vraag "Deze map écht verwijderen?"; then
doe $SUDO rm -rf "$_basis" && goed "$_basis verwijderd"
else
log "$_basis blijft staan."
fi
fi
if [ -n "$_naam" ] && [ "$_naam" != "root" ]; then
if vraag "Het account '$_naam' verwijderen?"; then
if doe $SUDO userdel "$_naam"; then
goed "Account $_naam verwijderd"
else
waarschuw "Kon $_naam niet verwijderen; misschien bezit het nog bestanden."
fi
fi
fi
# De installatiemap als laatste: daar staat dit script zelf in.
if vraag "De installatiemap $DOEL verwijderen?"; then
doe $SUDO rm -rf "$DOEL" && goed "$DOEL verwijderd"
fi
printf '\n'
}
# ── Hoofdprogramma ───────────────────────────────────────────────────────────
# De testsuite laadt dit bestand om losse functies te kunnen aanroepen — vooral
# de vragen die bepalen waarop de server straks luistert. Zonder deze uitgang
# zou het script bij het inladen meteen een hele installatie beginnen.
if [ -n "${SU_INSTALL_ALLEEN_FUNCTIES:-}" ]; then
return 0 2>/dev/null || exit 0
fi
printf '\n%sServer Up — installatiescript %s%s\n' "$C_KOP" "$SCRIPT_VERSIE" "$C_UIT"
[ "$DROOG" -eq 1 ] && waarschuw "Proefdraai: er wordt niets gewijzigd."
case "$ACTIE" in
uninstall)
bepaal_rechten
verwijderen
;;
reconfigure)
# Instellingen wijzigen zonder de broncode aan te raken. Handig als je
# de server op je netwerk wilt zetten, een andere poort wilt, of alsnog
# van root af wilt — dingen waarvoor je anders --update draaide en dus
# ongewild ook nieuwe code binnenhaalde.
[ -f "$DOEL/docker-compose.yml" ] || fout "Geen installatie gevonden in $DOEL."
bepaal_rechten
controleer_docker
lees_env_terug "$DOEL/.env"
printf '\n Nu ingesteld: BIND=%s PORT=%s BASE_DIR=%s, draaiend als %s\n' \
"$BIND" "$POORT" "${BASE_DIR:-/opt/serverup}" \
"$(getent passwd "$(env_waarde SU_UID)" 2>/dev/null | cut -d: -f1 || echo root)"
kies_bind
# Zonder --user opnieuw vragen: dat is meestal juist waarvoor je hier bent.
[ "$GEBRUIKER_EXPLICIET" -eq 1 ] || SU_UID=""
kies_gebruiker
schrijf_env
zet_mappen_klaar
start
if wacht_op_gereed; then
printf '\n'
goed "Instellingen bijgewerkt."
afsluiting
else
fout "De container kwam niet op met de nieuwe instellingen. Bekijk de logs."
fi
;;
doctor)
# Alleen kijken, nooit wijzigen. Daarom geen bepaal_rechten: die kan
# afbreken omdat je niet kunt schrijven, terwijl lezen prima gaat.
if [ "$(id -u)" -ne 0 ] && ! docker info >/dev/null 2>&1 && heeft sudo; then
SUDO="sudo"
fi
doorlichten
;;
update)
[ -d "$DOEL" ] || fout "Geen installatie gevonden in $DOEL. Installeer eerst zonder --update."
controleer_systeem
controleer_docker
haal_broncode
# Bestaande installaties draaien nog als root. Eén keer vragen of dat zo
# moet blijven; wie al gekozen heeft, wordt niet opnieuw lastiggevallen
# (kies_gebruiker ziet SU_UID uit .env staan).
kies_gebruiker
# Ook bij bijwerken: expliciete --bind/--port doorvoeren, en anders
# overnemen wat er al staat.
schrijf_env
zet_mappen_klaar
start
# Niet wegkijken als hij niet opkomt: "Bijgewerkt." bij een kapotte
# update zag er precies zo uit als een geslaagde, en een script dat dit
# aanroept zag exitcode 0.
if wacht_op_gereed; then
printf '\n'
goed "Bijgewerkt."
else
printf '\n'
waarschuw "De nieuwe versie kwam niet omhoog."
if terugrollen; then
printf '\n'
fout "Bijwerken mislukt; je draait weer op de vorige versie. Bekijk de logs voordat je het opnieuw probeert."
fi
log "Bekijk de logs met:"
log " $SUDO docker compose -f $DOEL/docker-compose.yml logs --tail=50"
fout "Bijwerken mislukt en terugrollen lukte niet."
fi
;;
create-admin)
# Losse actie voor een installatie die al draait: handig als het
# aanmaken tijdens de installatie is misgegaan, of overgeslagen.
# Docker en schrijfrechten zijn hier niet nodig — alleen .env lezen
# en één verzoek naar de draaiende server — dus geen bepaal_rechten.
lees_env_terug "$DOEL/.env"
if [ -z "$BEHEERDER" ]; then
if terminal_beschikbaar && [ "$JA" -eq 0 ]; then
printf '\n Gebruikersnaam: '
read -r naam </dev/tty || naam=""
BEHEERDER="$(printf '%s' "$naam" | tr -d '[:space:]')"
fi
[ -n "$BEHEERDER" ] || fout "Geef de gebruikersnaam op met --admin NAAM."
fi
stap "Beheerdersaccount"
maak_beheerder
if [ -n "$BEHEERDER" ] && [ "$WW_GEGENEREERD" -eq 1 ]; then
printf '\n Wachtwoord: %s%s%s\n' "$C_KOP" "$BEHEERDER_WW_TOON" "$C_UIT"
printf ' %sSchrijf dit nu over — het staat nergens anders.%s\n\n' "$C_WAARSCHUW" "$C_UIT"
fi
;;
install)
controleer_systeem
controleer_docker
kies_bind
kies_gebruiker
beheerder_vooraf
haal_broncode
schrijf_env
zet_mappen_klaar
start
# Hier wél doorgaan: de aanwijzingen aan het eind zijn juist dán nuttig.
# Maar het slot mag niet doen alsof alles goed ging.
if wacht_op_gereed; then GEREED=1; else GEREED=0; fi
maak_beheerder
afsluiting
[ "$GEREED" -eq 1 ] || exit 1
;;
esac